Deelnemers:
Na afloop van het diner aan het einde van de reünie in Hoorn had admiraal Hans met ons het palaver. De komende dagen zou het weinig waaien, dus we zouden van dag tot dag bekijken wat de mogelijkheden waren. Voorlopig besloten we om op maandag om 08.00u te vertrekken en rond het middaguur in de Buitenhaven van Enkhuizen te bekijken tot hoe ver we die dag gingen varen.

De eerste paar mijlen hadden we nog enige wind om mee te zeilen, maar daarna werd het dobberen. Vliegjes en dansmuggen all over the place, dus werd de motor gestart en voeren we naar Naviduct Krabbersgat. In Enkhuizen besloten we om door te varen naar de gemeentehaven van Stavoren, dan waren we in ieder geval alvast dichter bij de sluis van Kornwerderzand.

Tegen het einde van de middag zaten we nog een tijdje op het terras van De Vrouwe van Stavoren, terwijl de Elfstedentocht op de fiets ons voorbij raasde. Het was tenslotte Tweede Pinksterdag! Bijkomend voordeel van Stavoren was dat er benzine, diesel én HVO 100 getankt kon worden, dus sommigen van ons zijn met een jerrycan aan de wandel gegaan naar de Texaco pomp aan de Schans. (Toen ik dat nog eens opzocht met Google Maps zag ik daar wel héél andere prijzen staan dan wat wij ervoor betaald hebben…).
Hans had vernomen dat de brug bij Kornwerderzand er weer eens uit lag, dus het plan om naar Harlingen te gaan, werd rap gewijzigd in een tocht naar de Stevinsluis bij Den Oever, om daarna door te varen naar Oudeschild, Texel. Vanwege het tij moesten we dan wel de volgende ochtend om 07.00u vertrekken. Dus op tijd naar bed en de wekker op 06.00u gezet.
Afgezien van een vissersboot waren wij de eersten die vertrokken; om ons heen was alles nog in diepe rust. Zoals verwacht waaide het te weinig om onder zeil op tijd bij de sluis te zijn. Toen we uiteindelijk de motor startten, bleken we toch net te laat en hebben we een tijdje voor de sluis gelegen. Wat enorm meeviel, was dat in het Visjagersgaatje de wind behoorlijk was aangetrokken. Aan de wind kon er goed opgekruist worden, dus we konden echt weer eens lekker zeilen. Helaas besloot bij mij het grondblok van de grootschoot los te wartelen en dan moet je de krachten op het grootzeil maar op zien te lossen. Op de foto ben ik nog aan het stoeien met de giek maar even later had ik de zaak weer onder controle. (En konden ook de stootwillen opgeruimd worden…)

Voor de haven van Oudeschild stroomde de Texelstroom behoorlijk! Recht vooruit langs de rode tonnen naar binnen sturen was onmogelijk, maar onder een hoek van zeg 45° en een flinke dot gas kwam iedereen naar binnen, ook de Etap 22 Kalimera met buitenboordmotor, die dit allemaal voor de eerste keer meemaakte.

We vonden allemaal een plaatsje aan de C-steiger en voor iedereen die kwam aanvaren stonden we klaar om de landvasten aan te pakken en de boot af te houden.
’s Avonds het palaver en borrelen in het prachtige havengebouw. Vanwege de verwachte Noordoosten wind zouden we hier een dagje blijven liggen. Even werd nog overwogen om er een rondje Noord-Holland van te maken, via de Noordzee, maar dat stuitte op het praktische bezwaar dat vanaf Amsterdam niets meer bezeild zou zijn.
En daarna was het nog lang gezellig.
’s Morgens stelde Henny voor om een fietstocht over het eiland te maken. De helft van de groep volgde dit briljante idee en de meeste anderen gingen naar de Texelse Bierbrouwerij (die van de Skuumkoppe). Intussen liep de Joint Venture de haven binnen. Zij vonden de lege plek tussen de Hydra en de Mare. De vorige dag hadden zij de sluis gemist en in de Noorderhaven bij Den Oever overnacht.
De fietstocht ging met windkracht 4-5 op kop langs de kust naar de vuurtoren op de noordelijkste punt van het eiland. Na de middagpauze ging het van daaruit via het natuurgebied De Slufter naar Den Burg waar we wel toe waren aan een ijsje.
’s Avonds bij het palaver in het havengebouw werd het reisdoel voor de volgende dag bepaald: Medemblik.
Vanwege het getij vertrokken we pas na 12.00u dus er was tijd genoeg om uit te slapen, te winkelen en boodschappen te doen. Het eerste stuk naar Den Oever kon er nog gezeild worden, maar dichter bij de sluis schoot moteren harder op. We passeerden een zeehond die op een zandplaat lag, misschien wel dezelfde als op de heenweg?

Op het IJsselmeer kon er weer gezeild worden.
In Medemblik lagen we driedubbel in één hoek van de Oosterhaven. Van daaruit was het een klein stukje lopen naar Eetcafé Tijdloos waar we lekker hebben gedineerd. Namens de hele groep hield Mieke een korte toespraak om Hans en Henny te bedanken voor de goede zorgen.

Deze ochtend vertrokken Henny, de Belloujo en de Josefien richting Hoorn en Enkhuizen, de anderen voeren naar Urk. Het had er nog even om gespannen want er was Code Geel afgekondigd vanwege naderende hoosbuien en onweer. Het bleek allemaal niet zo spannend; de poorten van de hel gingen pas open toen we veilig en wel in de Nieuwe Haven van Urk lagen.

’s Avonds hebben we het diner nog eens overgedaan in restaurant De Kaap. En hiermee kwam een einde aan onze gezamenlijke activiteiten.
Deze dag varieerden de plannen van nog een dagje in Urk blijven tot via de Houtribsluis bij Lelystad zeilen naar de Marker Wadden. Het was wel zaak om een beetje op tijd te vertrekken want in de loop van de morgen werd voor de haven een sloepenrace gehouden!
Zelf ging ik via Lemmer weer naar de thuishaven in Balk. Een rustig tochtje waarbij de eerste uren nog gezeild kon worden, evenals later in de middag op het Slotermeer.

Al met al was het een heel geslaagde week, mede door de goede zorgen van Hans en Henny en het fantastische weer. Een defecte brug bij Kornwerderzand en een beetje te weinig wind hebben ons niet verhinderd om er een leuke tocht van te maken!
Hartelijke groeten, Nick